Berichten uit Zeeland
Frits van Buren volgt de ontwikkelingen rond het station van Middelburg en schrijft over het bezoek van een bijzonder railvoertuig aan Zeeuws-Vlaanderen.De perronkap van station Middelburg
De demontage als eerste stap naar de restauratie
De 153 jaar oude perronkap van het station Middelburg bevond zich al jaren in een toestand die liet zien dat restauratie nodig was. Zie ook het artikel in NVBS Actueel van oktober 2025.
Bij de herdenking van 150 jaar spoorlijn Roosendaal-Vlissingen op 9 september 2023 werden de gietijzeren uitleggers met stempels ondersteund. Wel was de houten bekleding van de perronkap nog aanwezig.

De van stempels voorziene bevestigingen van de perronkap aan de muur met hun goed zichtbare rood/witte bescherming op 9 september 2023.
Twee jaar later op 5 september 2025 was over de gehele lengte van de perronkap een steigerwerk van stalen buizen opgebouwd. Dit werd afgeschermd door spandoeken met teksten.


De perronkap van het station Middelburg van zuidwest naar noordoost (boven) en details van de spandoeken langs deze constructie (onder) op 5 september 2025.
Van 28 november tot 1 december 2025 waren verdere werkzaamheden met beperking van het treinverkeer aangekondigd. Maar van die beperking was weinig te merken. Op zaterdag 28 november was aan de kant van het stationsgebouw het hout van de perronkap al verwijderd en werden nog enige aanvullende werkzaamheden verricht.


De stationskap van zuidwest naar noordoost (boven) en in tegengestelde richting (onder) op 28 november 2025.

Voorbereidende werkzaamheden op zaterdag 28 november 2025 voor de afbraak. De demontage van de camera’s (links) en het vastmaken van kabels (rechts).
De verdere afbraak geschiedde van 4 tot en met 7 december 2025. Gedurende deze periode was het treinverkeer stilgelegd en dat werd op 5 december duidelijk aangegeven.

Een duidelijke aanduiding waarom er op 5 december 2025 geen treinen reden.
Op 5 december was de kap aan de zuidwestzijde al verwijderd en werden nog werkzaamheden aan de noordoostzijde verricht. Dat gebeurde met een arsenaal van fraaie hulpmiddelen op rupsbanden.

Op 5 december 2025 was de zuidwestzijde van de perronkap al gedemonteerd.

De demontage-werkzaamheden van de nog resterende noordoostzijde van de perronkap op 5 december 2025.
Maar er kwamen ook kleinere hulpmiddelen aan te pas: een breekijzer, een boormachine (vermoedelijk voor het uitboren van bouten) en een elektrische breekhamer.

Van links naar rechts: breekijzer, boormachine en breekhamer.
Op 7 december 2025 restte nog een “kaal” stationsgebouw zonder perronkap. Alleen werden aan het middengedeelte nog enige werkzaamheden uitgevoerd.


Het stationsgebouw zonder perronkap op 7 december 2025 van zuidwest naar noordoost (boven) en in tegengestelde richting (onder).
Aannemer Anton Rail & Infra gaat de perronkap renoveren. Dit bedrijf heeft ook een centrale rol gespeeld bij de restauratie van de perronkappen van station Groningen. Volgens de planning wordt de kap in 2027 teruggeplaatst. En de vergunning voor de restauratie van het stationsgebouw ligt inmiddels ter inzage.
Aan de voorzijde van het stationsgebouw is een gedeelte in gebruik genomen voor de opslag van materialen.

Opslag van materialen aan de voorzijde van het stationsgebouw. Alle foto’s: Frits van Buren.
Bijzonder bezoek in
Zeeuws-Vlaanderen
Het niet-geëlektrificeerde spoorwegnet van Zeeuws-Vlaanderen is nagenoeg exclusief het terrein van goederentreinen. Maar 2 december 2025 vertoonde zich een bijzondere bezoeker in Zeeuws-Vlaanderen: “Jules”.
De eerste generatie “Jules”
In 1926 werd een serie motorrijtuigen van het zogenaamde blokkendoosmaterieel 1924 met de nummers mBD 9001 – 9030 gebouwd door de Firma J.J. Beijnes, Koninklijke Fabriek van Rijtuigen en Spoorwagens in Haarlem. In 1955 werd begonnen het meeste elektrische materieel type ’24 te verbouwen tot getrokken rijtuig, behalve de mBD- en mCD-rijtuigen die motorpostrijtuig (mP) werden. Zo werd de CD 9106 in 1957 verbouwd tot mP 9204, bruin geschilderd en voorzien van een lichtgele sierband. Toen er geheel nieuwe motorpostrijtuigen waren besteld en afgeleverd ging de mP 9204 in 1966 uit dienst.

Motorrijtuig NS mP 9204 in de bruine kleur met gele biezen te Utrecht op 19 april 1957. Foto: Beeldbank NVBS – Fotograaf: J.A. Bonthuis.
De Dienst van Materieel en Werkplaatsen van NS bereidde zich in 1968 voor op de invoering van o.a. vermogenselektronica en luchtvering voor toepassing in het nieuwste materieel. Voor de te houden proefnemingen werden drie mP-rijtuigen waaronder de mP 9204 verbouwd, waarbij ze ook “computernummers” kregen. De mP 9204 kreeg het nummer 30 84-978 2 812-6.
Deze nieuwe lange nummers waren verwarrend. De werkplaats kwam op het idee om de drie rijtuigen ook namen te geven en daarbij kreeg de voormalige mP 9204 de naam Jules naar een van de hoofdpersonen uit de film “Jules et Jim” en een ander computernummer 30 84-978 1 802-8. Een andere lezing is dat de naam Jules afkomstig was van de projectleider Ir. Jules Moreau.

Motorrijtuig NS 30 84 978 1 812-6 bij de hoofdwerkplaats Tilburg op 27 februari 1968 (let op het thyristor-symbool op de zijkant). Foto: Beeldbank NVBS – Fotograaf: H.P. Kaper.
In 1976 ging “Jules” over naar de Dienst van het Seinwezen Is9, waar hij na de inbouw van de nodige meetapparatuur dienst ging doen als inspectievoertuig voor de ATB (Automatische treinbeïnvloeding). Uiteraard werd weer een nieuw nummer toegekend: 80 84-978 1 601-4. Bij deze gelegenheid werd het rijtuig geel geschilderd. Later werden ook veldsterktemeters voor de Telerail ingebouwd ter controle van de communicatie met de verkeersleidingposten.

ATB-meetrijtuig “Jules” van NS-afdeling Is9 op het goederenemplacement in Utrecht op 7 juli 1976. Foto: Beeldbank NVBS – Fotograaf: H.P. Kaper.
In 1998 verloor Jules zijn taken. Na enige omzwervingen werd hij in 2014 achter het Centraal Ketelhuis op het voormalige werkplaatsterrein in Amersfoort opgesteld.

Voormalig meetrijtuig “Jules” van NS in de beschildering als motorpost mP 9204 bij het Centraal Ketelhuis in Amersfoort op 8 februari 2020. Foto: Beeldbank NVBS – Fotograaf: R. Stremming.
De tweede generatie “Jules”
Zoals vermeld werd in 1966 een nieuwe door PTT bestelde en door Werkspoor gebouwde serie motorpostrijtuigen mP 3001-3035 afgeleverd. Op 24 april 1992 werd de mP 3032 door de NS-werkplaats Haarlem tot ATB-meetrijtuig ter vervanging van het uit Mat ’24 verbouwde meetrijtuig “Jules” afgeleverd als NS 80 84 978 1 602-1. Dit meetrijtuig van het Service Centrum Elektrotechniek (SCE) kreeg hierbij weer de naam “Jules”: (Jules-II) en werd grijs gekleurd met gele neuzen en rode bufferbalken ter vergroting van de zichtbaarheid.
Het Service Centrum Elektrotechniek (SCE) ging in 1994 NS Infra Services heten. Bij een volgende verandering in 1997 werd het voormalige SCE ondergebracht bij het Centrum voor Technisch Onderzoek in een nieuw bedrijf NS Technisch Onderzoek (NSTO). Medio 2000 werd NSTO overgeheveld naar Eurailscout Inspection & Analysis B.V., waar “Jules” het nummer BRT-91 kreeg.

Het nieuwe meetrijtuig NS 80 84 978 1 602-1 “Jules” (ex mP 3032), na de overdracht door de Hoofdwerkplaats Haarlem met daarachter de oude “Jules” (ex mP 9204) bij Abcoude op 24 april 1992. Foto: Beeldbank NVBS – Fotograaf: H.J.C. Peters.
Het zoeklicht boven de ramen beviel niet en is later vervangen door twee schijnwerpers bij de cabineramen. In 2004 werd de BRT-91 geheel geel.

Het geheel gele ATB-meetrijtuig NS 80 84 978 1 602-1 “Jules” (ex mP 3032) in Mariënberg op 2 april 2004. Foto: Beeldbank NVBS – Fotograaf: H. Klomp.
Later zijn ook metalen kappen op het meetrijtuig gebouwd om geen last te hebben van interferenties van bijvoorbeeld de stroom van de bovenleiding of andere signalen. De kappen zitten niet over de stroomafnemers heen maar net voor en achter de pantograaf en beschermen de acht antennes op het dak.
“Jules” op bezoek in Zeeuws-Vlaanderen
Op 2 december 2025 ging de Jules GSM-R-metingen verrichten in Zeeuws-Vlaanderen. Dat is geen gemakkelijke onderneming. De Belgische spoorwegen NMBS hebben een andere bovenleidingspanning (3000 V in plaats van 1500 V) en bovendien zou speciale beveiligingsapparatuur in het rijtuig nodig zijn. En in Zeeuws-Vlaanderen is helemaal geen bovenleiding. Dat betekent dat de “Jules” door België zoals dat heet opgezonden moet worden en dat in Zeeuws-Vlaanderen vervoer met dieseltractie moet plaatsvinden.

Lineas-locomotief 7831 met in opzending Eurailscout “Jules” als trein 47675 van Roosendaal naar Gent Zeehaven te Nispen op 13 oktober 2020. De Jules zou daags na deze foto metingen verrichten in Zeeuws-Vlaanderen. Foto: Beeldbank NVBS – Fotograaf: Marco Verzijl.

De “Jules” tussen twee diesellocomotieven wachtend op vertrek naar Zelzate in Sas van Gent op 2 december 2025. Foto: Frits van Buren.
De “Jules” was bij deze gelegenheid in Zeeuws-Vlaanderen “gesandwiched” tussen twee diesellocomotieven: de 92 84 200 6517 – 1 NL-RN (ex NS 6517 – voor bij vertrek uit Sas van Gent naar Zelzate) en de 92 84 200 6469 – 5 NL-RN (ex NS 6469 – achter). Beide locomotieven hebben de Nederlandse ATB aan boord en de 6517 ook de Belgische TBL 1+.
Ook eerder bezocht de BRT-91 Zeeuws-Vlaanderen. Dat was onder andere op 7 oktober 2014. Maar toen zorgde de Rotterdam Rail Feeding class 66-locomotief PB 06 als trekkracht voor de overbrenging en bij de metingen. Nog eerder gebeurde dat op 21 juni 2007 en toen was de Belgische locomotief 7814 de trekkracht. Maar erg regelmatig lijken de bezoeken aan Zeeuws-Vlaanderen niet te zijn.
Frits van Buren

