Uit de winkel
Recent verschenen boeken en andere publicaties uit het rijke aanbod van onze verenigingswinkel.
Recent verschenen boeken en dvd’s
![]() |
| Klik op een afbeelding voor meer informatie. Of bekijk alle recente artikelen. |
Boekpresentatie
Op zaterdag 9 mei 2026 vindt in het Rotterdams Openbaar Vervoer Museum de presentatie plaats van het door Peter van der Vlist geschreven boek “De NS in de jaren 1947-1958. De jaren van F.Q. den Hollander: wederopbouw en modernisering”.
Dit boek wordt door Peter van der Vlist ook gepresenteerd op zaterdag 6 juni 2026 in NVBS Centraal. Het is dan natuurlijk ook te koop in de NVBS-winkel.
Boekbespreking
Das “Geheimnis” der Zugbildung
Eisenbahn-Kurier Special 160. 96 blz., 21 x 28 cm, 62 zw/w-foto’s, 53 kleurenfoto’s, diverse kaarten, dienstregelingtabellen. Prijs € 13,90. Artikelnummer 030-1143. Bestellen in de webshop.
De titel klinkt als een spannend verhaal. Voor een leek of hobbyist was het vaak onduidelijk waarom de samenstelling van een internationale trein “zomaar” van de ene op de andere dag wijzigde. In de D307 van München naar Nijmegen bijvoorbeeld. Dat was een bonte trein: normaal gesproken samengesteld uit Italiaanse, Oostenrijkse en Nederlandse rijtuigen. Ideaal dus voor de liefhebber. Dit kwam doordat enkele koersrijtuigen in deze trein uit Oostenrijk moesten komen. Soms werd de aansluiting in Duitsland gemist (zie blz. 30).
Het is een van de voorbeelden van treinsamenstellingen die te vinden zijn in deze Special 160 van Eisenbahn-Kurier. Er zijn totaal 19 stuks opgenomen. Verdeeld in Schnell- und Eilzüge (inclusief internationale treinen) en Personenzüge. Voor het overgrote deel reizigerstreinen uit de periode 1958-1991 met twee uitzonderingen: een City-Night-Line uit 2014 en een goederentrein! Zeer verschillende treinen passeren de revue, zoals TEE 16 Erasmus, D202 Loreley, een IC-trein, een DC-trein in popkleuren en een “gewone” D-trein in het eerste deel. In het tweede deel onder andere trek-duwtreinen met Donnerbüchsen in Wuppertal, Altbauwagen uit Württemberg op de tandradlijn van Honau naar Lichtenstein en een Gmp (Güterzug mit Personenbeforderung) getrokken door een stoomloc Baureihe 044 met slechts één personenrijtuig maar geen goederenwagens, op de Schwarzwaldbahn.
Er is een inleiding over de planning die nodig is om doorgaande rijtuigen (koerswagens) mogelijk te maken. In Duitsland zijn dat het Reihungsplan (rijtuigvolgorde per treinnummer) en het Umlaufplan (de omloop van de individuele rijtuigen). Dit deel maakt duidelijk hoe complex het werken met doorgaande rijtuigen is om te plannen. Dan heb ik het nog niet eens over de uitvoering in de praktijk. Treinen waar op één station rijtuigen moet worden afgekoppeld, aangekoppeld en naar andere sporen moet worden gerangeerd. Dat alles graag binnen 10 minuten! De logistieke uitdaging is enorm. In de jaren 80 werd de computer ingevoerd voor de plannen, maar of deze er duidelijker door werden? Het scheelde wel aanzienlijk in drukkosten, want de eerder genoemde plannen moesten allemaal worden gezet en gedrukt. Wie zich de papierhandel rond deze service voorstelt, zal begrijpen dat dit in het tijdperk van “marktwerking” en “winstmaximalisatie” niet vol te houden was.
De treinsamenstellingen worden in deze Special meestal afgebeeld met behulp van zijaanzichten van modeltreinen op schaal H0. Dat is leuk en duidelijker dan een foto of kleine tekeningen. Maar het lukte niet altijd om de trein in model exact na te bootsen in schaal H0. Iedere liefhebber van modeltreinen weet hoe moeilijk het is om een trein conform werkelijkheid voor een bepaald tijdvak samen te stellen! De uitgever heeft trouwens moeite gedaan om de plaatjes van de samenstelling op de vouw in het blad af te stemmen. Lof hiervoor!
Dat brengt me op de vraag: is deze Special alleen voor de modelbouwer? Het blad kan zeker de modelbouwer inspireren om een echte trein uit een dienstregeling na te bootsen in plaats van een willekeurige samenstelling. De werkelijkheid was vaak gekker dan men denkt. Als ik een tip mag geven? De F-Züge uit de jaren 50 zijn ideaal voor de modelbouwer: korte treinen (2-6 rijtuigen) en alle soorten tractie. Maar niet stoppen bij een klein stationnetje! Ook voor de liefhebber zonder modelbaan is dit een boeiend onderwerp en het is een goed idee om met deze Special te beginnen. Over de toptreinen (TEE, EC, IC) zijn inmiddels al goede boeken verschenen waarin de treinsamenstellingen worden besproken.
Leo de Jong
| Sponsor van de NVBS
De boeken op spoorgebied van WBOOKS zijn te koop bij de NVBS. |
Over de winkelAlgemene informatie Steun de NVBS met je aankoopDoor je boeken en dvd’s bij de NVBS te kopen steun je jouw vereniging zonder dat je er meer voor betaalt dan bij andere winkels. Bestellingen via de webshop worden vanaf 30 euro gratis verzonden. De winkel wordt bemand door vrijwilligers. Wij verzenden eenmaal per week, meestal op dinsdag. Als een artikel niet op voorraad is, krijg je binnen een week bericht. Je bestelling niet gehad? Mail dan naar verzending@nvbswinkel.com. Prijzen en overige informatie onder voorbehoud. |
Op het spoor van…In deze rubriek verkennen we per aflevering een bepaald onderwerp op het gebied van spoor- en tramwegen. Het gaat om een selectie van artikelen uit het grote assortiment van onze winkel en webshop, met het accent op eerder verschenen uitgaven. Deze maand aandacht voor de infrastructuur van spoorwegen in Nederland: spooraanleg en -onderhoud, bruggen, bovenleidingconstructies en stationsgebouwen. Onze rivierdelta zorgde vanaf de beginjaren voor uitdagingen bij de aanleg van spoorlijnen. Vooral in de westelijke helft van het land moest de ondergrond vaak verstevigd worden om verzakkingen te voorkomen. Later werden de zand- en grindbeddingen vervangen door ballast om de stabiliteit bij hogere snelheden te kunnen waarborgen. De noord-zuidverbindingen Utrecht – ’s-Hertogenbosch en Dordrecht – Lage Zwaluwe waren jarenlang afhankelijk van voetveren om de grote rivieren over te kunnen steken. In 1868 kwam de brug over de Lek bij Culemborg gereed, zodat reizigers vanaf toen sneller hun bestemming konden bereiken. Deze spoorbrug was voor die tijd een technisch hoogstandje met een hoofdoverspanning van 157 meter. Twee jaar later waren ook de bruggen bij Zaltbommel (Waal) en bij Hedel (Maas) klaar. Halverwege de jaren 30 besloot NS de relatief dure stoomlocomotieven in fasen te vervangen door elektrische tractie. Begonnen werd met de lijn Rotterdam – Hoek van Holland (mat’35), later gevolgd door het zogenaamde Middennet (mat’36). Na WOII kwamen ook de hoofdlijnen naar het noorden, oosten en zuiden onder de draad. Stations zijn er in vele soorten en maten. In de beginjaren bouwden de spoorwegen veelal imposante gebouwen, vooral op de grote knooppunten. Later verschenen wat meer sobere uitvoeringen, met vanaf de jaren 50 ook standaardontwerpen langs de secundaire lijnen. Een groot deel van deze aspecten is terug te vinden in onderstaande artikelen:
Voor de draad ermee. Bovenleiding in Nederland 1924-1966.
De spoorbrug over de Lek bij Culemborg
Naar de overkant. Spoorbruggen in Nederland 1860-1982.
Spoorwegstations in Nederland Mar de Klerk |





















