Deel 2: Frankrijk en België

Op drift geraakt

Frits van Buren beschrijft een aantal incidenten met op drift geraakte treinen en ander spoormaterieel. Treinen waarvan de machinist niet meer op tijd kon remmen, of materieel dat een eigen leven ging leiden.

Frankrijk

Réding, 2015

Op vrijdag 28 augustus 2015 kwam in Réding (5 km ten oosten van Sarrebourg in Frankrijk) een geremd staande uit 15 wagens bestaande en 600 ton wegende ballasttrein, die gebruikt werd om bruggen te testen, in beweging en kwam na een rit van 400 meter tegen een stootblok tot stilstand. Een er achter staand gebouw raakte beschadigd. De klap veroorzaakte een micro-aardschok waardoor (achter het stootblok) een scheur ontstond in het uit 1877 daterende stations­gebouw. Lees meer.

Het stootblok in Réding na geramd te zijn door een ballasttrein. Foto: M. Schmitz.

Gare de Lyon, 1988

Een veel ernstiger ongeval met een op hol geslagen trein gebeurde op 27 juni 1988 in het ondergrondse deel van het Gare de Lyon in Parijs waarbij 56 doden te betreuren waren. De ramp werd ingeleid door het feit dat een trein van Melun naar Parijs door het trekken aan de noodrem tot stilstand werd gebracht. De machinist trachtte het probleem op te heffen, maar daarbij ontstond een situatie waarbij alleen het voorste rijtuig van de twee treinstellen nog beremd was.

Nadat een tussenliggende stop opgeheven was bemerkte de machinist pas bij het binnenrijden van het ondergrondse deel van het Gare de Lyon dat de trein niet remde en zelfs versnelde door de helling. Hij belde daarop de verkeersleiding, maar vergat zich te identificeren, waardoor het onbekend was om welke trein het ging, en hij bediende het radio-alarm.

Toen het seinhuis van het Gare de Lyon dit signaal hoorde zette het alle seinen op rood, alle wissels werden in hun actuele situatie geblokkeerd en het automatische programma dat de trein naar een onbezet spoor had geleid werd geblokkeerd. De nagenoeg onberemde trein reed vervolgens met 70 km/h op een op vertrek wachtende trein op een bezet spoor met het genoemde noodlottige gevolg. Lees meer.

In het programma Seconds from Disaster van het National Geographic Channel werd een aflevering aan deze ramp besteed.

België

Antwerpen, 31 augustus 1996. Op kopstations zijn spectaculaire ongelukken gebeurd met treinen die niet stopten en vervolgens door de stationshal schoten. De bedoeling van deze enorme hydraulische stootjukken zal dan ook duidelijk zijn. Foto: Nico Spilt.

Gent, 2019

In het station Gent Sint Pieters kwam op 13 april 2019 een niet op de handrem gezette stopmachine in beweging en reed tegen een net passerende goederen­trein met als gevolg schade aan de infrastructuur, vijf goederenwagens en de stopmachine. Lees meer (pdf).

Brussel, 2018

Met niet op de handrem staande reizigerstreinen kunnen soortgelijke ongevallen plaatsvinden. Twee Desiro-treinstellen met een probleem met de stroom­voorziening werden op 24 april 2018 door een andere trein van drie Desiro-treinstellen naar het station Brussel Noord gesleept. Daar werd vanuit een cabine van een der slepende treinstellen ontkoppeld, waarna de gesleepte niet geremde treinstellen “ontsnapten”. Lees meer (pdf).

Tienen, 2016

Op 18 februari 2016 reed een lege reizigerstrein bestaande uit twee motorstellen AM80 van de NMBS van Landen naar Tienen (12 km) zonder bestuurder. De trein die onderweg was naar Leuven kwam voor Tienen tot stilstand door een druk­vermindering van het remsysteem. Het lukte de machinist niet om het probleem vanuit de cabine op te lossen en hij besloot de trein aan de buitenkant te inspecteren. Hij liet de trein achter in een stand waarbij het dodemanspedaal niet werkte en zette de handrem niet vast.

Toen het euvel uiteindelijk hersteld was, werd de automatische rem gelost en begon de trein heuvelafwaarts te rijden. Dat kon omdat de trein niet was uitgerust met een wegrolbeveiligingssysteem. Pas in het station van Tienen slaagde een andere treinbestuurder er in op de vertragende trein te springen en deze stil te zetten. Tijdens een rit van 800 meter vond een zijdelingse aanrijding met een andere trein plaats waarbij weinig schade ontstond. Lees meer (pdf).

Morlanwelz, 2017

Op 27 november 2017 reed in België na een aanrijding met een auto te Morlanwelz een – zoals dat in het rapport (11 blz.) en volledige rapport  (106 blz.) van het Onderzoeksorgaan Ongevallen Incidenten Spoor wordt genoemd – een ontsnapt treinstel wegwerkers aan en vervolgens tegen een andere trein aan.

Locatie van het ongeval – kaart bewerkt van Open Street Map.

Een trein bestaande uit twee treinstellen van het type MS96 (rubberneuzen) reed op een overweg tegen een reeds verlaten auto en sleurde deze bijna 500 meter mee. Daarbij ontstond brand in de auto die oversloeg na het eerste rijtuig van het voorste treinstel. Dat raakte zwaar beschadigd en kon niet meer zelfstandig rijden.

In eerste instantie werd besloten de twee treinstellen te ontkoppelen en het beschadigde treinstel weg te slepen. De automatische procedure was door de afwezigheid van stroomvoorziening niet mogelijk en er werd besloten om de handmatige procedure met krukassen vanuit beide cabines toe te passen. Maar ook deze slaagde niet. Daarop werd besloten beide treinstellen met een werktrein samen naar Charleroi te brengen.

Omdat de remmen van het verongelukte dan achteroplopende treinstel niet loskwamen werden de remmen van dat treinstel uitgeschakeld. Betrekkelijk kort na vertrek kwam het treinstel achteraan het konvooi los, rolde terug richting Morlanwelz en reed daarbij een aantal werklieden aan, waarbij twee van hen gedood werden. Ter hoogte van Bracquegnies botste het treinstel tegen een andere trein, waarbij vijf gewonden vielen.

De deels uitgebrande trein na de botsing. Foto uit het ongevalsrapport.

Bij onderzoek bleek dat door onjuiste handelingen bij de handmatige procedure bij de poging de twee treinstellen te ontkoppelen inwendige delen van de koppelingen in een onstabiele toestand waren gekomen.

Frits van Buren, met medewerking van Marc Schmitz




Print Friendly, PDF & Email

Over deze serie

In een serie artikelen behandelt Frits van Buren een aantal incidenten met op hol geslagen spoorwegmaterieel.

In deel 2 komen enkele ongevallen uit Frankrijk en België aan de orde.


Porte de Saint Ouen, 1936

Bij het toenmalige eindpunt Porte de Saint Ouen van de Parijse Metro lijn 13 had een bestuurder de gewoonte aangenomen om zijn trein bij het keerspoor te laten lopen en de “loge” (cabine) voor het begin van het dienstperron te verlaten en bij het begin van dat perron uit te stappen door een gewone reizigersdeur aan de linkerzijde van de trein. Die liet hij voortrollen om dan door de dienstdeur van de “loge” aan de andere kop van de trein in te stappen en daar de trein te remmen om vervolgens het vertrekbevel af te wachten. Dat was altijd goed gegaan. Maar op 5 oktober 1936 vond hij die dienstdeur op slot. Hij kon dus niet instappen en de trein remmen. Die rolde door het stootjuk tegen de eindmuur en liep grote schade op.

Met dank aan Cisca Simons.