Festiviteiten op 28 mei 2023

150 jaar tram in Antwerpen

Frits van Buren bezocht op 28 mei 2023 het jubileum van de Antwerpse tram, die 150 jaar geleden voor het eerst reed. Die begon in 1873 als paardentram. De eerste elektrische tram reed in 1902.

De eerste aanvraag voor een paardentram werd aan het stadsbestuur gedaan op 27 juni 1865. Deze aanvraag werd echter geweigerd, en pas op 14 maart 1871 stond de gemeenteraad de aanleg van tramlijnen op het grondgebied van Antwerpen toe. De eerste paardentram reed op 25 mei 1873 tussen de Meir en de kerk van Berchem. Tegen het einde van de 19e eeuw waren er al negen verschillende paardentramlijnen en een omnibusdienst in Antwerpen, die door negen aparte bedrijven werden onderhouden.

De paardentrambedrijven werden op 1 januari 1900 overgenomen door de Compagnie Générale des Tramways d’Anvers (CGTA). Op 12 maart 1902 kreeg deze maatschappij toestemming van het stadsbestuur om haar net te elektrificeren. Na testritten reed de eerste elektrische tram in normale dienst op dinsdag 2 september 1902.

Na de CGTA hebben achtereenvolgens de volgende maatschappijen de Antwerpse stadslijnen geëxploiteerd:

  • Vanaf maart 1927: Tramways d’Anvers (T.A.)
  • Vanaf 1 januari 1946: Tramwegen van Antwerpen en Omgeving (T.A.O.)
  • Vanaf 1 januari 1963: Maatschappij voor het Intercommunaal Vervoer te Antwerpen (MIVA)
  • Vanaf 1 januari 1991 tot heden: Vlaamse Vervoermaatschappij “De Lijn”

Vanaf de jaren 60 werd in Antwerpen gesproken over plannen voor een metronet. Net als in Brussel zouden eerst de trams in de tunnels rijden (premetro), maar later zouden de stations en tunnels verbouwd worden voor metro-exploitatie. Die plannen voor de verbouwing tot metro heeft men in 1974 laten vallen.

Tussen 1970 en 1990 kwam in delen het ondergrondse traject Eden (op de linkeroever) – Plantin tot stand. In 1996 kwam ook het gedeelte Astrid – Sport gereed.

De Reuzenpijp

Tussen 1977 en 1981 werd gewerkt aan de bouw van een tunnel onder de Turnhoutsebaan – bijgenaamd de Reuzenpijp – van het station Astrid naar de stations Hof ter Lo / Morckhoven, maar deze tunnel werd decennialang niet afgebouwd. Bij deze tunnel liggen de tunnels voor elke richting onder elkaar, waarbij de tunnel vanaf het centrum het diepst ligt.

Pas op 4 maart 2013 werden de werken in de Reuzenpijp opnieuw gestart. Deze werken hebben twee jaar in beslag genomen. Hierbij was een nog afgesloten deel van het premetrostation Astrid bij het Station Antwerpen-Centraal betrokken en ook het premetrostation Zegel werd geopend. De stations Carnot, Drink, Foorplein, Collegelaan en Morckhoven werden voorlopig nog niet geopend. In juli 2022 gaf de Vlaamse regering toestemming voor de afwerking tegen 2026 van onder andere twee ongebruikte stations in de Reuzenpijp: Drink en Morckhoven.

Tijdens de open dagen van 11-16 april 2015 kon de Reuzenpijp tijdens een 2,2 km lange wandeling groepsgewijs onder leiding bekeken worden. Voor deze open dagen was de bovenste tunnel uitgebreid verlicht met speciale effecten. De belangstelling daarvoor was groot. Vanaf zaterdag 18 april 2015 ging de nieuwe lijn 8 door deze tunnel rijden.

De Reuzenpijp gaande van het station Astrid naar het station Zegel via de bovenste tunnelbuis tijdens een open dag op 15 april 2015. Op de onderste foto het station Zegel.

De onderste tunnelbuis van het station Zegel op 28 mei 2023. Op de wand aan de andere zijde van het spoor bevindt zich een scherm waarop in minuscule karakters de vertrektijden van de trams vermeld staan.

Tram- en autobusmuseum

Evenals Brussel heeft ook Antwerpen een tram- en autobusmuseum. In 1961 werd de Vereniging voor het Trammuseum opgericht. Deze vereniging opende het Antwerpens Tram- en Autobusmuseum (ATAM) in Fort V in Edegem (aan de zuidkant van Antwerpen) in 1982.

In juli 2000 werd de collectie overgebracht naar de voormalige tramloods Groenendaal in Berchem en op 1 mei 2001 werd het museum als Vlaams Tram en Autobus Museum (VlaTam) officieel geopend.

Het Vlaams Tram- en Autobusmuseum op 28 mei 2005.

De tramloods Groenendaal werd in 1912 gebouwd en in 1997 werd deze buiten gebruik gesteld. Op 30 oktober werd het museum wegens de slechte staat van het dak gesloten en pas op 16 juni 2019 werd het volledig gerenoveerde en heringerichte museum weer geopend voor het publiek. In het museum zijn onder andere ook trams uit Gent ondergebracht. Het vernieuwde museum is beschreven in NVBS Actueel van juni 2019.

Het vernieuwde museum op 16 juni 2019.

Festiviteiten in 2023

In het Pinksterweekeinde van 2023 was het museum gesloten en nam een gedeelte van de collectie deel aan de activiteiten rond de viering van 150 jaar tram in Antwerpen.

De festiviteiten speelden zich af in het noordwesten van Antwerpen op het gebied genaamd “Het Eilandje”. Vroeger een desolate buurt, maar sinds het begin van dit millennium heeft een ware metamorfose plaatsgevonden.

De stad Antwerpen en het gebied “Het Eilandje”. Bewerking van OpenStreetMap.

Het materieel dat meedeed aan de tramparade werd eerst opgesteld bij het Havenhuis en reed tijdens de parade via de Oostkaai van het Kattendijkdok naar de Amsterdamstraat. De trams reden vrij dicht op elkaar en omdat de trams op de Amsterdamstraat moesten worden opgesteld trad af en toe enige congestie op. Hieronder zal een selectie van de passerende trams worden besproken.

De parade werd geopend met een replica van de paardenomnibus. Vanaf 1890 werden 14 (later aangevuld met nog 10 stuks) van dergelijke omnibussen ingezet tussen de Draakplaats in de buurt van het huidige station Berchem en het station “Land van Waas” aan de St. Michielskaai in de buurt van de huidige Sint Anna-tunnel voor voetgangers en fietsers. Een treinverbinding tussen het Waasland en Antwerpen is pas in 1970 tot stand gekomen door de bouw van de Kennedytunnel onder de Schelde .

De replica van de paardenomnibus uit 1890 op 28 mei 2023.

De eerste in 1899 door de Ateliers Franco-Belge gebouwde elektrische tram voor Antwerpen was de 200 met zijn prominente lantaarn. Het was de eerste elektrische tram die aan de Compagnie Générale des Tramways d’Anvers (CGTA) werd geleverd. In 1941 werd de 200 ondergebracht bij de dienst Weg en Werken en kreeg daarmee – vernummerd in 8824 – de bruine kleur van die dienst. Na in 1974 te zijn overgebracht naar Brussel voor museale doeleinden herstelde de MIVB (Maatschappij voor het Intercommunaal Vervoer te Brussel) de tram in 1982 in de originele staat.

Tramrijtuig 200 (links) en de fraaie lantaarn van dit rijtuig (rechts) op 28 mei 2023.

Iets nieuwer is het rijtuig 181 dat deel uitmaakte van 133 tussen 1937 en 1946 door de Tramways d’Anvers (T.A.) gemoderniseerde motorrijtuigen. Deze waren afkomstig uit de oorspronkelijk in 1902-1913 als de series 201—230, 251-370 (Ateliers Metallurgiques in Nivelles) en 401-471 (werkplaatsen van de CGTA) geleverde trams.

Vanaf 1952 werden de eerste gemoderniseerde trams afgevoerd, maar de 181 bleef als “depanneur” behouden. Bij de werkplaats van De Lijn in Hoboken werd hij gerestaureerd in de toestand van 1952. Ook het verderop getoonde motorrijtuig 5351 was een prototype van een verbouwing van het rijtuig 351 in 1949. Daarna volgden nog 13 rijtuigen. In 1963 kregen zij alle een 5 voor de oorspronkelijke rijtuignummers.

Tramrijtuig 181 op 28 mei 2023.

Motorrijtuig 6451 met aanhangrijtuig 1660 op 28 mei 2023.

Het motorrijtuig 6451 komt ook uit de vanaf 1913 door de CGTA gebouwde serie van 71 motorrijtuigen 401-471. Motorrijtuig 451 werd in 1941 uitgerust met twee motoren van 66 pk en kreeg daarmee in 1963 een 6 voor het nummer. In de jaren 60 werd de trolleystang vervangen door een pantograaf en werd een elektrische railrem aangebracht.

Voor de oorspronkelijk 632-661 genummerde aanhangrijtuigen bestelde de CGTA in 1925 30 onderstellen bij de firma Ragheno en bouwde er zelf de rijtuigbakken op. De 1660 was het resultaat van een verbouwing in 1955-1958 van 31 aanhangrijtuigen tot tweerichtingrijtuigen, waarbij de wagenbak met 18 cm verbreed werd. De 1 werd in 1993 voor alle rijtuignummers geplaatst resulterend in de serie 1601-1661. Vanaf 1966 begon de sloop van deze aanhangrijtuigen. De 1660 werd in 1973 buiten dienst gesteld en bewaard als museumtram.

Het in 1949 verbouwde motorrijtuig 351 als motorrijtuig 5351 op 28 mei 2023.

Met de komst van de PCC-rijtuigen (Presidents Conference Committee) begon in Antwerpen een nieuw tijdperk. Tussen 1960 en 1970 hebben de TAO en de MIVA verdeeld over vijf orders 166 PCC-rijtuigen 2000-2165 aangeschaft bij La Brugeoise et Nivelles (BN) in Brugge en ACEC in Charleroi. De eerst afgeleverde (2000) behoort geschilderd in de rood-witte kleurstelling van de MIVA uit de jaren 1980 – begin jaren 90 in rijvaardige toestand tot de collectie van het Vlaams Tram- en Autobusmuseum.

Een groot deel van de PCC-rijtuigen is in de jaren 1990 gerenoveerd waarbij nieuwe deuren, koppelingen, nieuwe banken en een chopperinstallatie geplaatst werden. Daarmee kunnen de gerenoveerde PCC-tramrijtuigen in dubbeltractie (treinschakeling) rijden De trams werden in 1991 omgenummerd van 2000-2165 naar 7000-7165. Meer details over de Antwerpse PCC-rijtuigen zijn vermeld in [1].

PCC-rijtuig 2000 op 28 mei 2023.

PCC-rijtuigen in dubbeltractie met voorop de 7158 op 28 mei 2023.

Eerder konden gekoppelde en solo PCC-rijtuigen op de lijnen 7 (Mortsel-Eilandje) en 70 (P+R Luchtbal – Eilandje) op het eindpunt Eilandje / Museum Aan de Stroom (MAS) vanaf de 10e verdieping van het MAS gefotografeerd worden.

PCC-rijtuigen gekoppeld (met als voorste rijtuig de 7064) op lijn 7 (Mortsel-Eilandje) en rijtuig 7056 op lijn 70 P+R Luchtbal-Eilandje) op het eindpunt Eilandje op 8 november 2018.

Tussen 1999 en 2012 kwam de eerste generatie lagevloertrams – de HermeLijnen – in drie tranches met de nummers 7201-7284 in Antwerpen in dienst. Gebaseerd op het type NGT6 (Niederflur Gelenk Triebwagen mit 6 Achsen) in Dresden werden ze gebouwd door Bombardier in Bautzen.

Hermelijn 7220 op 23 mei 2023.

De nieuwste aanwinst in Antwerpen is de door het Spaanse CAF gebouwde Urbos 100. Daarvan zullen 58 (40 eenrichtingtrams en 18 tweerichtingtrams) tot 2024 geleverd worden met de nummers 7401-7458. In januari 2023 werd de naam Stadslijner voor deze trams bekendgemaakt. Ze zijn grotendeels identiek (de Stadslijners zijn 100 mm smaller dan de 2400 mm brede Zeelijners) aan de nieuwe trams voor de Kusttram.

Stadslijner 7434 op 28 mei 2023.

Nadat de trams deels onder de bomen waren opgesteld op de tamelijk smalle Amsterdamstraat werden met een gedeelte van het materieel publieksritten gemaakt. Tickets voor volwassenen voor de elektrische tram kostten € 10, maar geven tot 31 december ook eenmalig toegang tot het VlaTam.

Voor de tramparade, de tramexpo en de publieksritten was veel belangstelling.

Een gedeelte van de opgestelde trams op de Amsterdamstraat op 28 mei 2023.

De PCC 2000 is op 28 mei 2023 net begonnen aan zijn publieksrit via de Meirbrug, de Nationale Bank en de Opera met op de achtergrond kranen uit het havenverleden van dit deel van Antwerpen.

Gezien het feit dat de meeste stadstrambedrijven in dezelfde periode ontstaan zijn is het volgende tramfeest in België op 19 mei 2024 in Gent.

Tekst en foto’s: Frits van Buren


[printfriendly]

Antwerpen

De stad Antwerpen, het tramnet in Antwerpen en het Vlaams Tram en Autobusmuseum zijn een bezoek alleszins waard. Het VlaTam is geopend op zaterdagen en zondagen van half april tot half oktober. Per trein is Antwerpen CS vanuit Utrecht in ongeveer 2 uur te bereiken.

Met de auto kan dat zelfs in 1½ uur. De binnenstad en linkeroever van Antwerpen kennen wel een zogenaamde Lage Emissie Zone (LEZ). Hoewel parkeren op zondag in de straat waaraan het VlaTam is gelegen (de Diksmuidelaan) gratis is, is het makkelijk om de auto bijvoorbeeld op de grote P+R Merksem achter te laten en vandaar de tram te nemen. Kaartjes voor losse ritten (€ 2,50) en dagkaarten (€ 7,50) kunnen met de PIN-pas uit een automaat verkregen worden.

Te voorbereiding van een bezoek aan Antwerpen heeft de bibliotheek van de NVBS een aantal boeken over spoorwegen en trams in Antwerpen, waaronder ook een beschrijving van de collectie van het VlaTam (E. Keutgens en C. Smits, De collectie van het Vlaams Tram- en Autobusmuseum, VlaTam, 2007 – Plaatsnummer: Co-410.021). Dit boek is ook te koop in het VlaTam.

Literatuur

[1]. F. van der Gragt, A. Reuther en W. Wolf, Moderne Trams – deel 1 vierassers, De Alk, 2013, blz. 111-113. Plaatsnummer NVBS-bibliotheek: Ta-000.032.1.

Eerdere artikelen


Het tramnet van Antwerpen vanaf 13 maart 2023 (klik op de kaart voor een vergroting).