Uit de winkel
Recent verschenen boeken en andere publicaties uit het rijke aanbod van onze verenigingswinkel.
Buitenlandse boeken en dvd’s
![]() |
| Klik op een afbeelding voor meer informatie. Alle recente buitenlandse titels. |
Nederlandse boeken
![]() |
| Klik op een afbeelding voor meer informatie. Alle recente Nederlandse titels. |
Boekpresentatie
Op zaterdag 7 maart 2026 presenteert Wim Beukenkamp zijn boek ‘Het sein staat op rood’. De presentatie vindt plaats in NVBS Centraal en begint om 13.30 uur. Lees meer.
Boekbespreking
Schnelltriebwagen der 30er Jahre – Entwicklung | Technik | Einsatz
Mit dem »Fliegenden Hamburger« in eine neue Ära. Door: Dirk Winkler. 192 blz., 23×30 cm, 271 z/w-foto’s, 13 kleurenfoto’s, enkele tekeningen en maatschetsen. Uitgever: VGB. Art.nr. 106-2021. Prijs € 60,00.
In de jaren 20 van de vorige eeuw hadden de spoorwegen in Duitsland de eerste aarzelende stappen gezet op het gebied van verbrandingsmotoren voor tractie, meestal in de vorm van motorwagens of railbussen voor “Nebenbahnen”. Tien jaar later was de concurrentie van de auto en de bus voor de Deutsche Reichsbahn Gesellschaft (DRG) aanzienlijk toegenomen. In 1932 was de eerste echte Autobahn geopend tussen Köln en Bonn. Vanaf 1935 ging de bouw snel. Er was toen ruim 100 km Reichsautobahn, een jaar later al ruim 1000 km en aan het begin van WO II 3300 km!
De DRG ging in 1932 de strijd aan met een Schnell-Verbrennungs-Triebwagen (SVT) 877, beter bekend als de “Fliegende Hamburger”. Het dieselelektrische tweewagentreinstel ging rijden tussen Hamburg en Berlijn. Deze gestroomlijnde trein was de eerste van vier series dieseltreinstellen die door de DRG werden ontwikkeld. Gedurende de bouw werden deze SVT 137-treinen steeds verder verbeterd en aangepast aan de vraag.
Er waren treinstellen met twee rijtuigen (type “Hamburg”), drie rijtuigen (“Köln” en “Leipzig”) en uiteindelijk vier rijtuigen (“Berlin”). Deze hadden al dan niet gezamenlijke draaistellen voor de rijtuigen, zogeheten jacobsdraaistellen. Enkele hadden hydraulische overbrenging, maar de meeste hadden elektrische overbrenging met de twee dieselmotoren en generatoren in het voorste draaistel van de koprijtuigen. De elektrische motoren waren dan ondergebracht in een ander draaistel. Daardoor hadden de SVT’s voldoende vermogen voor 160 km/u. Het type “Berlin” met een aparte motorwagen kwam niet meer voor WO II in dienst, want in 1939 werden de SVT-diensten beëindigd.
Na de wereldbrand waren de wagens verdeeld over West- en Oost-Duitsland, terwijl zeven stuks in Tsjechië en twee in Rusland terechtkwamen. In West-Duitsland werden de treinstellen aan het begin van de jaren 50 vervangen door de nieuw ontwikkelde VT 08.5 en VT 12.5, de zogeheten “Eierköpfe”. Een deel van de oude SVT-stellen werd daarom verkocht aan Oost-Duitsland, een ander deel werd gesloopt. Alleen de kop van pionier 877 werd in West-Duitsland bewaard (Verkehrsmuseum Nürnberg). Van de voormalige Oost-Duitse SVT-stellen hebben drie het overleefd.
Het boek van Winkler bestaat uit twee delen. Het eerste deel beschrijft de geschiedenis van “Schnelltriebwagen” in Duitsland. Het begint met een wagen met propelleraandrijving uit 1919 gevolgd door o.a. de bekende “Schienenzeppelin” van Kruckenberg uit de jaren 30. Daarna volgen de eerste ontwikkelingen bij de DRG en treinstellen met Maybach-motoren in België, Frankrijk (TAR), Nederland (DE3) en Denemarken. De netten van SVT-treinen worden beschreven met lijsten van de verbindingen uit de periode 1936-1939, maar er zijn helaas weinig kaarten. De laatste twee paragrafen beschrijven kort de ontwikkelingen na WO II in West- en Oost-Duitsland.
Het tweede, belangrijkste, deel begint op bladzijde 38. Het beschrijft gedetailleerd en met veel foto’s alle gebouwde SVT’s van de DRG, DB en DR en de twee treinen van Kruckenberg, plus de drie niet gebouwde ontwerpen. Vooral het verhaal van de driewagenstellen type “Köln” is zeer gecompliceerd door het gebruik bij het Amerikaanse leger in Duitsland en de verkoop aan de DDR. Er zijn foto’s van de bouw, de aandrijving, de motoren en het interieur van de treinstellen. Van elk ontwerp is een kleine maatschets opgenomen en een tabel met technische gegevens.
Er zijn veel overzichten, maar er is geen volledige materieellijst met alle behandelde SVT-treinen per treinstel of rijtuig. Ook een aparte literatuurlijst ontbreekt. De boeken en geschriften zijn ondergebracht in de uitgebreide noten (365 stuks). Het boek is eigentijds vormgegeven. Opvallend is dat het werk eindigt met enkele foto’s van rijtuigen uit een Nederlands mat’36-treinstel in de DDR! Het was de bedoeling deze te koppelen aan een motorwagen van het type “Berlin”, maar dat is niet gebeurd.
In de NVBS-bibliotheek
Dit is niet het eerste boek over dit onderwerp; in 1986 verscheen Fliegende Züge van Heinz Kurz, uitgave EK.
Hummel Hummel-Zügen en zo (de zoektocht naar het in de Tweede Wereldoorlog weggevoerde Nederlandse spoorwegmaterieel) door Sander Ruys, 2020.
Dieseltreinen in Nederland door C. van Gestel en B.A. van Reems, 1986.
Nog verkrijgbaar
DVD – Fliegende Züge (Die Schnelltriebwagen der Deutschen Reichsbahn), ca. 58 minuten. Niet op voorraad, te bestellen op aanvraag (art.nr. 459-4248).
Faszination Fliegende Züge (Die Schnelltriebwagen-Ära der Deutschen Reichsbahn). Door Udo Kandler.
Stroomlijn op het spoor. Het eerste gestroomlijnde materieel van de Nederlandse Spoorwegen. Door Carel van Gestel. Aanbieding: nu € 19,95.
Leo de Jong
Het materieel ’64
In de loop van dit jaar verschijnen bij Lycka till Förlag twee boeken over het materieel ’64. In mei verschijnt het eerste deel over de vierwagenstellen Plan T. Daarna volgt een deel over de tweewagenstellen Plan V.
De lotgevallen van dit materieel zijn tussen 2011 en 2017 uitgebreid beschreven in een reeks artikelen in Op de Rails. Deze artikelen zijn door de auteurs, Michiel ten Broek en Raymond Kiès, geactualiseerd. Ze worden, aangevuld met talrijke foto’s, opgenomen in de twee boeken. De boeken zullen uiteraard ook te koop zijn in de winkel en de webshop van de NVBS.
De auteurs en de uitgever stellen de opbrengst van deze boeken ter beschikking aan de NVBS. Het is de bedoeling om met dit bedrag in de loop van dit jubileumjaar een evenement te organiseren rond Plan V.
Deel 1 zal bestaan uit 200 pagina’s. ISBN 9789492040879. Prijs € 45,00.
Over de winkelAlgemene informatie Steun de NVBS met je aankoopDoor je boeken en dvd’s bij de NVBS te kopen steun je jouw vereniging zonder dat je er meer voor betaalt dan bij andere winkels. Bestellingen via de webshop worden vanaf 30 euro gratis verzonden. De winkel wordt bemand door vrijwilligers. Wij verzenden eenmaal per week, meestal op dinsdag. Als een artikel niet op voorraad is, krijg je binnen een week bericht. Je bestelling niet gehad? Mail dan naar verzending@nvbswinkel.com. Prijzen en overige informatie onder voorbehoud. |
| Sponsor van de NVBS
De boeken op spoorgebied van WBOOKS zijn te koop bij de NVBS. |
Op het spoor van…In deze rubriek verkennen we per aflevering een bepaald onderwerp op het gebied van spoor- en tramwegen. Het gaat om een selectie van artikelen uit het rijke assortiment binnen onze winkel en webshop, met het accent op eerder verschenen uitgaven. Deze maand aandacht voor regionale spoorlijnen, ook wel bekend als lokaallijnen of secundaire lijnen. Ooit aangelegd als aanvulling op het net van hoofdlijnen waardoor ook kleinere plaatsen met het spoor bereikbaar waren. Vaak werden stations langs deze lijnen bediend door een tramwegmaatschappij als onderdeel van het lokale openbaar vervoer. In de jaren 30 werd een deel van de regionale lijnen gesloten als gevolg van de wereldwijde crisis. In sommige gevallen kon een verbinding overleven door de relatief dure stoomtractie te vervangen door materieel met een verbrandingsmotor. Na de Tweede Wereldoorlog herhaalde dit beeld zich als gevolg van de toenemende concurrentie door busbedrijven en de opkomst van het particuliere vervoer. Op de overgebleven lokaallijnen zette NS in op een goedkope exploitatie met dieselelektrische motorwagens en treinstellen, de bekende ‘Blauwe Engel’. Zij verzorgden tientallen jaren tot volle tevredenheid van reizigers en personeel het lokale vervoer, vanaf 1960 aangevuld met treinstellen van het type Plan U. Kenmerk van deze lijnen was de gemoedelijke sfeer. Tot in de jaren 80 bepaalden bemenste stations, klassieke beveiliging en handbediende overwegen het beeld. Daarna veranderde het beeld drastisch met de sloop van stationsgebouwen, het vervangen van de beveiliging door lichtseinen en de instroom van nieuw materieel. Vanaf 2001 werden onder andere regionale spoorlijnen aanbesteed door lokale overheden en ondergebracht in concessiegebieden. De exploitatie van deze lijnen ging grotendeels over van NS op particuliere vervoerders zoals Arriva, Connexxion, Syntus en Veolia. Een groot deel van deze aspecten is terug te vinden in de volgende boeken:
Mar de Klerk |



























